Karin van den Broeke maakte in juli 2026 deel uit van de WCC-delegatie die een solidariteitsbezoek bracht aan Oekraïne, ter gelegenheid van het dertigjarig bestaan van de Oekraïense Raad van Kerken en Religieuze Organisaties (UCCRO). Zij doet verslag van een indrukwekkende reis.
Een feestje waarvan de definitieve locatie pas op de laatste dag bekendgemaakt wordt en dat gehouden wordt in een – prachtig ingerichte – ruimte die zich twee verdiepingen onder de grond bevindt, vlakbij een schuilkelder. Het is één van de bijzonderheden die te vertellen valt over de viering van het dertigjarig jubileum van de Ukrainian Council of Churches and Religious Organisations (UCCRO), op 16 juli 2026.
Brede organisatie
De receptie is goed bezocht. Naast veel kerkelijke en interreligieuze contacten zijn er vertegenwoordigers van diverse ambassades aanwezig. Enkelingen die ik en passant spreek (van de ambassade van Amerika, Groot-Brittanië, Egypte, Armenië) geven aan dat ze het belang van dit jubileum zien, omdat godsdienst een belangrijke rol speelt in de Oekraïense samenleving, omdat de interreligieuze samenwerking goed is en natuurlijk omdat het jubileum ook symbool staat voor de onafhankelijkheid van Oekraïne.
Anders dan in Nederland is de UCCRO een bredere organisatie dan één van uitsluitend kerken. Het overgrote deel van de leden is kerk, maar ook de joodse gemeenschap, de moslimgemeenschap en het Oekraïense Bijbelgenootschap maken deel uit van de UCCRO.
Een delegatie van de Wereldraad van Kerken woont dit jubileum bij, in het kader van een breder solidariteitsbezoek aan Oekraïne. Ook de secretaris-generaal van de Europese Raad van Kerken is aangesloten.
Camouflagenetten
‘Ga je naar Oekraïne? Kom wel veilig terug!’, was de reactie van veel mensen in Nederland vooraf. En toegegeven, deze reis was anders dan veel andere reizen. In Warschau werden we als delegatie opgehaald met een busje. Een priester van de Orthodoxe Kerk van Oekraïne begeleidde ons. In ruim twaalf uur reisden we van Warschau naar Kyiv. Onderweg maakten we alvast kennis met de app die ons informeerde over luchtalarm en schuilkelders. ‘Zorg dat je een kamer krijgt zo dicht mogelijk bij de begane grond en dat je weet waar de schuilkelder is’, kreeg ik als advies vanuit Kerk in Actie mee. Tegelijkertijd zagen we onderweg hoe het gewone leven in Oekraïne ook doorgaat. De zomertijd toont prachtige velden met zonnebloemen en met graan. Mensen lopen ‘gewoon’ op straat. Als we ’s avonds in Kyiv aankomen, zet dat beeld zich voort. Het blijft een prachtige stad, er zijn winkels en restaurantjes, en behalve in de uren van de avondklok zijn er mensen en auto’s op straat.
‘Wij Oekraïeners weten hoe we moeten overleven’, vertelt een vrouw die ik informeel spreek me. ‘Als het ’s winters min twintig is, en we hebben te weinig gas en elektriciteit, dansen we op het ijs en kruipen vervolgens diep onder de dekens. Wij proberen ons gewone leven zoveel mogelijk voort te zetten. In onze vrije tijd maken we camouflagenetten voor het leger, want er is een permanent gebrek aan materiaal. In zekere zin zijn we wel allemaal getraumatiseerd. Iedereen heeft familie of bekenden aan het front, er zijn zoveel mensen al overleden door de oorlog. Jongvolwassenen denken niet zo snel aan kinderen, de toekomst is onzeker. We gaan door. We geven niet op. We willen een rechtvaardige vrede. We zien er ‘gewoon’ uit, maar we leven met stress en velen van ons hebben permanent een te hoge bloeddruk.’
Moedig
Het is indrukwekkend om de gastvrijheid mee te maken in dit land dat in oorlog is. ‘Jullie zijn moedig dat jullie naar ons toekomen’, krijgen we regelmatig te horen. ‘We danken jullie voor deze solidariteit.’ De tafels waaraan we ontvangen worden, staan overvol met heerlijk eten. De tafel is heel letterlijk de plaats waar de goede gaven gevierd worden, maar waar ook de pijn van een geteisterd land gedeeld wordt. ‘Vertel ons verhaal als jullie terugkomen in jullie eigen landen. We hebben jullie steun zo hard nodig!’

Het meest deprimerend is misschien wel, dat niemand goed ziet hoe deze oorlog tot een goed einde kan komen. Oekraïners willen tot het uiterste gaan om hun land en hun vrijheid te verdedigen. Tegelijkertijd zien ze de lange adem van Rusland en de wijze waarop Rusland talloze manschappen rekruteert en bereid is om te offeren.
Feest onder hoogspanning
De gesprekken met kerkelijke representanten en met overheidsvertegenwoordigers gaan ook over de kerkelijke kaart van Oekraïne. Eén kerk is niet aanwezig bij het UCCRO-jubileum. Het is de Oekraïens-Orthodoxe Kerk. Anders dan de Orthodoxe Kerk van Oekraïne is deze kerk lang met Moskou verbonden gebleven, al sprak zij direct na de inval op de Krim uit dat zij staat voor de territoriale integriteit van Oekraïne. Velen buiten deze kerk zijn ervan overtuigd dat het hoofd van deze kerk nog altijd nauw verbonden is met de Russisch-Orthodoxe Kerk – en daarmee met het Kremlin. Het hoofd van de Oekraïens-Orthodoxe Kerk krijgen we niet te spreken, degenen die net onder hem functioneren wel. Zij geven aan dat die band er níet meer is, en dat ze zich gewantrouwd buitengesloten en onheus bejegend voelen. Als relatieve buitenstaanders kunnen we vragen stellen. ‘Waarom zetten jullie niet zwart op wit dat jullie alle banden verbroken hebben?’ Zoals we binnen de UCCRO konden vragen: ‘Is er een weg naar vertrouwen mogelijk?’ Het lijkt wellicht een kleinigheid, zo’n kerkelijk geschil. Het demonstreert echter hoe moeilijk het kennelijk is om gezamenlijk een weg van vrede te gaan.
Dertig jaar lang een brede oecumenische samenwerking, binnen Oekraïne en verbonden met de internationale oecumene. Een feestje dat onder hoogspanning wordt gevierd. En dat tegelijkertijd symbool staat voor het vasthouden aan het visioen van gerechtigheid, verzoening en eenheid dat hoort bij een tafel waaraan men weet heeft van breken en delen en waaraan men samen de maaltijd geniet.
Laten we vanuit Nederland in gebed, woord en daad verbonden blijven met een volk dat geteisterd wordt en uitziet naar vrede en een daadwerkelijk ‘gewoon’ leven.
Karin van den Broeke
Foto’s: World Council of Churches

