‘Ga het gesprek aan’

We leven in een woelige wereld waarin je je ook als kerken staande wilt én moet houden. Maar hoe? Niet door met teksten uit de Bijbel bij mensen met een andere visie op de samenleving je gelijk te halen. Gelijk hebben en gelijk krijgen zijn twee verschillende dingen, leerde mijn vader mij. (Teun-Jan Tabak)

Tijdens de 479e vergadering van de Raad van Kerken woensdag 15 april, stonden twee onderwerpen op de agenda die een klip en klaar antwoord vragen, maar als je goed naar de onderwerpen kijkt zie je dat een duidelijke stellingname, behalve een duidelijke stellingname, niet veel oplevert. De onderwerpen: het kweken van embryo’s voor wetenschappelijk onderzoek, en hoe moet de kerk omgaan met radicaalrechts gedachtegoed?

De Beraadgroep Geloof en Kerkelijke Gemeenschap schreef een rapport over hoe die omgang met rechts-radicalisme zou kunnen. De raadsleden mochten deze woensdag hun visie geven, waarna de Beraadgroep tot een definitief rapport met aanbevelingen komt die de plaatselijke kerken en parochies steun geeft. Namens de Beraadgroep lichtte ds. Ad van der Dussen het rapport toe. Hij wees op een verklaring van de Duitse bisschoppen in februari 2024 over rechts-radicalisme.

‘Rechts-radicale partijen en partijen … kunnen voor christenen daarom geen plek zijn voor politieke activiteit en zij komen ook niet in aanmerking om op te stemmen. Rechts-radicale opvattingen, met name ook racisme en antisemitisme, zijn evenmin verenigbaar met vrijwilligerswerk voor de kerk.’

Het is niet de weg die de Raad van Kerken in wil slaan. Van der Dussen lichtte het toe: ‘Wij vinden het belangrijk dat de Raad van Kerken zijn zorgen over de duistere kanten van het rechts-radicalisme duidelijk uitspreekt en waarschuwt voor de bedreigingen ervan voor rechtstaat en democratie.’

De Raad moet inzetten op de waardigheid van ieder mens, zo meldt het rapport: ‘uitgangspunt voor kerken bij het denken en spreken over democratie en rechtstaat is de waardigheid van ieder mens. Ieder mens is geschapen naar het beeld van God. Ieder mens is door God geliefd en gewild om zichzelf en is daarom onschendbaar in haar of zijn waardigheid. Het is het diepe verlangen van God dat ieder mens tot zijn recht komt en kan bloeien voor zijn aangezicht.’

Daarom is de rechtstaat, waarin ieder mens gelijkelijk beschermd wordt, van grote waarde. De democratie is van grote waarde. Het is de politieke orde waarin mensen als dragers van waardigheid en rechten erkend worden, waarin macht gespreid is en waarin zwakkeren bescherming krijgen. Een samenleving die gericht is op het gemeenschappelijke welzijn, aldus de Beraadgroep in het rapport.

In gesprek…

Voor Van der Dussen en de andere leden van de Beraadgroep is het belangrijk dat kerkleden die sympathieën hebben voor deze ideologische stroming niet de kerk worden uitgejaagd, maar dat met hen het gesprek wordt aangegaan en dat zij gezien en serieus genomen worden. Maar de Beraadgroep hamert ook op geloofwaardigheid van de kerken in het eigen spreken en handelen. Verbondenheid met politieke organisaties die tegenstrijdige waarden of overtuigingen aanhangen hoeft niet bij voorbaat reden te zijn om niet als ambtsdrager van de kerk te mogen functioneren, het kan wel aanleiding zijn tot gesprek en kritisch bevragen. In individuele gevallen kunnen maatregelen tegen kerkleden die racistische meningen blijven uitdragen gepast zijn, zo staat te lezen. Want kerken moeten een veilige plek zijn voor iedereen en kerkgangers moeten erop kunnen vertrouwen niet met racisme van medegelovigen geconfronteerd te worden.

Discipelschap

De Beraadgroep introduceert het begrip Discipelschap, een weg van vorming en omvorming voor mensen. Het discipelschap van Jezus begon volgens de Beraadgroep niet bij ideale mensen, maar bij mensen zoals zij zijn. Ook bij mensen die zich aangetrokken voelen tot radicaal-rechts gedachtegoed kan dit spreken aansluiting vinden. Achter zulke opvattingen gaan ook vaak reële ervaringen schuil van verlies aan verbondenheid, onzekerheid over de toekomst, verlangen naar erkenning en naar een gemeenschap waarin men zich gekend weet. Discipelschap spreekt deze verlangens niet bij voorbaat tegen, maar neemt ze serieus. Het erkent dat mensen zoeken naar houvast, richting en betekenis in een wereld die als onoverzichtelijk en bedreigend wordt ervaren.

In de goed leesbare notie worden nog meer handreikingen voor de plaatselijke kerken en parochies gedaan:

  • zoek het gesprek in de kerken over de veranderde maatschappelijke situatie en doe dat in dialoog;
  • spreek de eigen taal van de Kerk;
  • treed op tegen kerkleden die zich hardnekkig racistisch blijven uiten;
  • protesteer krachtig tegen overheidsoptreden dat antidemocratische en/of anti-rechtstatelijk is;
  • preek en bid voor christelijk gedrag, preek en bid niet tegen mensen en partijen;
  • bevorder het contact tussen christenen met een migratieachtergrond en met een Nederlandse achtergrond;
  • bevorder de interreligieuze samenwerking landelijk en plaatselijk.

Spagaat

Dus blijf als kerk bij je eigen verhaal, maar focus ook op de mensen die rechts-radicale sympathieën hebben. Het lijkt op een spagaat en de vraag is hoe realistisch dat is, vroeg ds. Ineke Bakker van 2of3-Bijeen. Zij was getuige van ernstige rellen en vernielingen bij een rechts-radicale demonstratie op het Haagse Malieveld; ‘er is nogal wat aan de hand, is nuancering dan de juiste aanpak?’ Ds. Peter Sinia van de Nederlandse Gereformeerde Kerken had ook de nodige aarzeling bij dit genuanceerde spreken. Zouden de immigrantenkerken zich voldoende beschermd weten, vroeg hij zich af. Bij het discipelschap doen we recht aan het Bijbelse spreken en dat mag allemaal iets scherper en sterker.

Scriba ds. Kees van Ekris van de Protestantse Kerk hield de raadsleden voor dat het gesprek aangaan met gelovigen met rechts-radicale ideeën niet zomaar gaat. Dat is best moeilijk.’ Ds. Ad van der Dussen sprak over een diepe kloof tussen de kerk en mensen met rechts-radicale ideeën, maar riep op toch te proberen een brug tussen die uiteenlopende visies te slaan. Kapitein Christiaan van Nieuwenhuijzen van het Leger des Heils wees op de optie om niet alleen met woorden, maar ook in daden de kloof te overbruggen, ‘door drinken te geven aan hen die dorstig zijn en voedsel aan hongerigen.’

Het kwaad moet weersproken worden, zei Redmer Kuiken, penningmeester van de Raad, in de plenaire vergadering. Prima om in de kerken het gesprek aan te gaan, maar het moet breder, ook buiten de kerken.

De Beraadgroep heeft de Raad gehoord en gaat in gesprek met migrantenkerken en komt over enkele maanden met een handreiking.

Embryo wetgeving

Een volgend beladen onderwerp betrof de opties voor wetgeving over het afschaffen van het verbod op het kweken van embryo’s voor wetenschappelijk onderzoek, de embryowet dus. De Raad had prof. dr. Theo Boer uitgenodigd, hoogleraar Ethiek van de Gezondheidszorg aan de Protestantse Theologische Universiteit. Boer plaatste vanuit christelijk-ethisch perspectief enkele kanttekeningen bij het debat over de embryowetgeving. De vraag is volgens professor Boer overzichtelijk: wat mogen we wel of niet doen met embryo’s? Voorzien is dat de Gezondheidsraad ook nog met een advies komt om niet alleen embryo’s van maximaal twee weken oud te gebruiken voor onderzoek, maar dit op te rekken naar embryo’s van 4 weken.

Boer bepleit een ethiek van voorzichtigheid omdat we veel niet weten. ‘Wanneer heeft een embryo een ziel? Dat is heel moeilijk te zeggen, maar als je het niet weet of een embryo een ziel heeft, dan moeten we maar doen alsof het wel een ziel heeft.’ Voor Boer is een embryo een uniek menselijk organisme dat onder normale omstandigheden uitgroeit tot een mens. ‘Maar stel dat we zeker zouden weten dat een embryo geen ziel heeft dan kan het nog beschermwaardig of zelfs onaantastbaar zijn, vanwege zijn potentie, zijn afkomst.’

Professor Boer hield de raadsleden voor dat we in onze cultuur een omdraaiing van waarden meemaken. Mensen die dementeren en embryo’s worden ‘ontpersoonlijkt’, terwijl aan de andere kant robots en chatbots een persoonsstatus krijgen. Dat zijn de persoonlijke raadgevers en coaches aan het worden.

Bisschop Hans van den Hende (RKK) wees op de bijdrage die aartsbisschop Eijk van Utrecht als medische-referent van de Nederlandse Bisschoppenconferentie aan de initiatiefnemers van de embryowet heeft gestuurd.  Voor de bisschoppen stuiten de experimenten met embryo’s op ernstige morele bezwaren. Het voorliggend wetsvoorstel zal ertoe leiden dat embryo’s alleen tot stand worden gebracht om in experimenten te gebruiken en daarna te vernietigen. Dit betekent voor de bisschoppen een ernstigere schending van de beschermwaardigheid van embryo’s die volgens de bisschoppen rechten hebben zoals elk persoon. Van den Hende merkte op dat op de post van de bisschoppen van de zijde van de VVD en D66, de initiatiefnemers van de embryowet, geen reactie is ontvangen.

Voor een aantal raadsleden is er het morele bezwaar dat er sprake is van het creëren en offeren van menselijk leven voor wetenschappelijk onderzoek. Daar staat tegenover dat als het in Nederland niet geregeld wordt, onderzoekers zich tot het buitenland zullen richten. Als het gaat om rest-embryo’s (die overblijven nadat een vrouw zwanger is geworden na het terugplaatsen van een embryo) is de overheersende mening dat ze maar beter voor onderzoek gebruikt kunnen worden, dan ‘zomaar’ vernietigd. Maar het alleen voor onderzoek kweken van embryo’s is voor veel afgevaardigden in de Raad van Kerken toch een stap die te ver gaat.

Aan het dagelijks bestuur van de Raad nu om, na dit gesprek, te bepalen hoe er op de maatschappelijke en politieke discussie vanuit de Raad wordt gereageerd.

Teun-Jan Tabak