Spiritualiteit Avondmaal

De freelance-journalist Maarten Das schreef voor het mei-nummer van het Martinus Magazine (Utrecht) over de beleving van eucharistie en avondmaal. Hij liet zich inspireren door het nieuwe beleidsplan van de Raad. Hieronder zijn artikel, dat onlangs is verschenen. 

Spiritualiteit van het Laatste Avondmaal

Het openingslied klinkt, terwijl de priester binnenkomt met de Schrift, gevolgd door enkele misdienaars. De mis begint. Voor velen een vertrouwde aanblik. Maar wat beleven we eigenlijk op zondag? En is er veel verschil met de beleving van een protestant die avondmaal viert? De Raad van Kerken is er benieuwd naar. Wij tekenden alvast drie getuigenissen op.

Protestanten en katholieken in gesprek brengen over avondmaal en eucharistie, daar wil de oecumenische Raad van Kerken de komende tijd mee aan de slag. Het staat in hun beleidsplan voor de komende vier jaar. De Raad is vooral geïnteresseerd in de persoonlijke beleving van kerkgangers en niet zozeer in de dogmatische verschillen. Secretaris Klaas van der Kamp: “We zochten naar een manier om recht te doen aan het belang van het onderwerp zonder mensen te frustreren. Zodoende kwamen we uit op de persoonlijke beleving. We vermoeden dat deze invalshoek veel herkenning kan oproepen. Door ons te concentreren op de onderlinge spiritualiteit hopen we mensen dichter bij elkaar te brengen.”

Welke vorm de gesprekken zullen krijgen, is nog niet duidelijk. “Het zou goed zijn als de gesprekken op plaatselijk niveau georganiseerd zouden worden. Door eerst te verkennen: wie zitten hier in de omgeving die het sacrament kennen? Daarna kun je mensen met elkaar in contact brengen om de ervaringen te verwoorden op het niveau van: wat voel je, wat beleef je, welk gebed bid je, wat heb je er zelf aan? Ook de verschillen in liturgie kunnen in die uitwisseling een plek krijgen.

Ik denk niet dat het moeilijk is om de gesprekken te beginnen. Eucharistie en avondmaal vormen het hart van geloof en kerk zijn. Het is de kern en de voeding ervan. De beleving van de maaltijd van Christus raakt aan het dagelijks leven zelf. De belangrijkste vraag is: zullen mensen de tijd en de rust nemen voor zo’n gesprek? Je moet een zaal reserveren, mensen uitnodigen. Ik zou aanraden per parochie en gemeente minstens twee mensen te laten deelnemen aan een gesprek”

De afgelopen twee jaar organiseerde de Raad al gesprekken over de doop. Die resulteerden in een gezamenlijke dooperkenning tussen diverse kerken die op de dinsdag na Pinksteren officieel bevestigd zal worden in de Genadekerk in Heiloo. Het initiatief voor de gesprekken over avondmaal en eucharistie past in een trend om persoonlijke beleving van geloof voorop te stellen. “Zowel katholieken als protestanten zijn gewend om structuur voorop te stellen. Dogma’s en ambten zijn daarin belangrijk. Dat heeft inmiddels een punt bereikt. Evangelische kerken en pinkstergemeenten spelen daarop in door ervaring en beleving meer nadruk te geven. Wellicht kunnen we langs die weg verder komen als verschillende kerken.”

Maaltijd

Marcel Wolters (61) is bijna zijn hele leven al in de Aloysiuskerk te vinden. Een paar jaar geleden vond hij dat het tijd werd om ook iets terug te doen voor de kerk en werd lector. Zodoende mag hij soms op zondag meehelpen om de communie uit te reiken.

“Maar dat maakt de beleving van de communie voor mij niet anders. Het is meer een praktische aangelegenheid dat ik op die manier de priester help.

Voor mij staat in de eucharistie de maaltijd centraal. Het Laatste Avondmaal zie ik als een afscheidsdiner van Jezus met zijn vrienden, de avond voordat Hij zou sterven. Hij liet brood en wijn zien als symbolen voor zijn Lichaam en Bloed dat Hij voor ons heeft gegeven. Dat gedenk ik als ik de communie ontvang. Een maaltijd heeft veel gevoelswaarde voor mij. Als ik met vrienden afspreek, probeer ik er graag een etentje aan vast te plakken. Je bent onder elkaar, je bent ontspannen, het voelt goed. Dat roept de maaltijd in de kerk ook bij mij op, met alles erop en eraan. De consecratie is voor mij onbegrijpelijk maar hoort wel bij de voorbereiding. Het is alsof je bij het koken van de maaltijd bent. Daarom heeft een woord- en communiedienst te weinig gevoelswaarde voor mij. Het is prima dat die vorm bestaat, maar in de eucharistie beleef ik het allemaal pas écht. Ook de vredeswens en alle gebeden horen bij het geheel.

Een maaltijd bindt. Van straatarm tot schatrijk, je komt allemaal samen en de verschillen vallen weg. Dat zie ik liever dan dat iedereen in zijn eigen sociale vlak blijft. In mijn werk als boekhouder bij UNESCO merk ik dat ook. We zijn een heel internationaal bedrijf waarin alle rangen en standen gewoon naast elkaar samenwerken.

Ik ga regelmatig naar het buitenland en dan probeer ik altijd wel naar een mis te gaan als er een kerk in de buurt is. Vrienden van mij in Duitsland, die zelf niet gelovig zijn, waarderen dat van mij. Dat ik als het ware tegen de verdrukking in toch blijf gaan.

Het mooie van kerkbezoek in het buitenland vind ik dat de liturgie toch overal te volgen is. Soms sta je wel verwonderd te kijken over de verschillen van vieren, maar de maaltijd is overal hetzelfde en de gevoelswaarde voor mij dus ook.

Ik ga graag elke week wel een keer naar de kerk voor een moment van rust en meditatie. Even al mijn dagelijkse zorgen achterlaten en ruimte maken voor mijn geloof. Als het dan ook nog gezellig is omdat ik bijvoorbeeld mensen zie die ik ken en de sfeer is goed, dan is dat mooi meegenomen. Maar het geloof staat voorop.”

Gedenken

Emerens van Dongen (37) kwam twaalf jaar geleden in Tuindorp wonen. Ze is protestants maar zingt met veel plezier in de cantorij van de Pauluskerk. Per toeval kwam ze daar terecht. “Ik wilde graag in een koor zingen, maar de cantorij van de Tuindorpkerk vond ik te grijs. Door een gesprek met een enthousiaste collectante voor diabetici kwam ik uiteindelijk in de Paulus terecht.

De eerste keer dat ik daar zong in een viering, ging ik niet naar voren om de communie te ontvangen. Ik voelde dat dat niet kon, omdat ik protestants ben. Daar hebben we het toen in het koor over gehad. Iedereen zei: je bent hier zo betrokken en staat achter datgene wat we vieren, dan mag je van ons gewoon meedoen aan de communie. Die open houding was voor mij, net nieuw in Utrecht, heel fijn.

Als ik de communie ontvang, gedenk ik het lijden en sterven van Jezus en de vergeving van de zonden. De hostie en de wijn blijven voor mij symbolisch. Ik weet dat de katholieke leer iets anders stelt maar ik merk dat ik tussen andere kerkgangers gewoon welkom ben.

Daarom zou ik met de werkgroep oecumene, waar ik namens de Paulus actief in ben, ook graag vieringen met communie organiseren. Maar het zal nog wel heel lang duren voordat dat werkelijkheid kan worden. Ondertussen zijn we goed bezig, al kost het me veel tijd naast mijn werk als secretaresse en mijn bestuursfunctie in de bewonersvereniging. Tijdens de Goede Week waren er voor het eerst drie oecumenische vesperdiensten waarbij we als vrijwilligers zelf de gebeden mochten schrijven. Dat vond ik erg bijzonder.

Toch blijf ik een protestantse avondmaalsviering het mooist vinden. Ik mis de katholieke rituelen niet. Ik vind zelfs dat de avondmaalsviering meer symboliek oproept doordat er echt brood wordt gebruikt en rode wijn. Die doet mij nog meer denken aan het bloed van Jezus. Het samen drinken uit één beker drukt voor mij bovendien de verbondenheid met anderen nog sterker uit.

In de stilte die dan heerst, gedenk ik wat Jezus voor ons gedaan heeft. Hij bracht vrede onder mensen en eten aan wie honger hadden. Ik moet dan vaak denken aan het verhaal over de broden en de vissen die Hij vermenigvuldigde. Er was niet veel maar toch genoeg om iedereen eten te geven.

Avondmaal vieren herinnert me ook aan mijn eigen belijdenis. Veel protestanten doen pas mee met het avondmaal als ze belijdenis hebben gedaan, als bevestiging van hun doop. Avondmaal voelt bovendien bijzonderder dan de katholieke communie omdat het maar een paar keer per jaar gevierd wordt, in plaats van elke week.

Maar omdat ik het herken uit mijn eigen traditie, vier ik het ook graag mee in de katholieke kerk. Uiteindelijk vieren we toch hetzelfde.”

Gemeenschap

Erik Koren (39) groeide op in een hervormd gezin maar koos uiteindelijk voor de oud-katholieke kerk. Hij is misdienaar in de oud-katholieke St. Gertrudis-parochie, deeltijdstudent theologie en lid van het Gregoriaans Koor Utrecht. “De eerste keer dat ik ter communie ging in een katholieke viering was in de abdij van Egmond, waar ik een paar dagen verbleef als gast. De priester gaf me de hostie met de woorden: “Het Lichaam van Christus voor jou, Erik”. Die persoonlijke uitnodiging raakte me.

Ik voelde me op dat moment niet thuis in de protestantse kerk in Zeist, waar ik woon. Tegelijkertijd boeide de rooms-katholieke liturgie me steeds meer. Onder andere door het zingen in het Gregoriaans Koor Utrecht. We zongen een keer in Parijs en daar maakte ik voor het eerst de Goede Week mee in de katholieke traditie. Toen het orgel en de klokken ineens volop klonken tijdens de Paaswake dacht ik: wow. Ik vind het mooie aan een eucharistieviering dat iedereen weet wat er gebeurt. Daardoor kun je je meer richten op datgene waar de liturgie voor bedoeld is.

Voor mij is gemeenschap daarin heel belangrijk. Ik ga eigenlijk altijd ter communie omdat het onbeleefd voelt om te weigeren. Alsof ik dan zou zeggen: wat jullie hier doen, is niet goed. Door deel te nemen aan de communie, bevestig ik ook mijn deelname aan de vierende gemeenschap.

Ik heb daarom veel moeite met kerken die bepaalde mensen uitsluiten van deelname aan de communie. Alsof ze zeggen: je kunt alleen christen zijn op bepaalde voorwaarden. Dat kan me enorm boos maken. Ik ben opgegroeid in een dorp met één kerk. En ergens voel ik dat het nog steeds zo is, of in elk geval dat het zo zou moeten zijn. Kerk zijn betekent voor mij gemeenschap, en dat zie ik terug in de eucharistie. God wil in gemeenschap treden met zijn mensen.

In de oud-katholieke kerk ontvang je de communie geknield in een rijtje op een communiebank. Pas als iedereen brood en wijn ontvangen heeft, ga je terug naar je plaats. Dat voelt minder individueel dan in de rooms-katholieke kerk waarbij je meestal één voor één naar voren loopt.

Dankzegging is voor mij ook heel belangrijk. Als ik weer op mijn plaats zit, bid ik vaak in stilte het begin van psalm 103: Loof, mijn ziel, de Heer en vergeet niet één van zijn weldaden. Communie ontvangen voelt voor mij intiemer dan avondmaal vieren. Dichter bij God kun je voor mijn gevoel niet komen.

Of Christus werkelijk aanwezig is in brood en wijn? Daar heb ik eigenlijk geen duidelijk antwoord op en ergens vind ik dat wel prettig. Soms is het goed om dingen in het midden te laten.”