Poëzie bij mantelzorg

Mensen realiseren zich dat de zorg steeds belangrijker wordt in de Nederlandse samenleving. Wellicht is dat één van de redenen dat de beraadgroep Samenlevingsvragen van de Raad van Kerken een mooi aantal bezoekers verwacht op het symposium dat maandag 24 juni wordt gehouden.

Ook de brochure die gepresenteerd wordt op het symposium kan zich verheugen over een goede eerste ontvangst. Er zijn veel reacties over binnengekomen bij het bureau. Eén van de vriendelijke reacties geven we bij dezen door, omdat het een gedicht betreft, waar wellicht andere mensen ook plezier aan beleven. Ds. André Troost uit Ermelo vertelde er bij dat hij het lied gemaakt heeft voor een bijeenkomst vorig jaar 11 november (Sint Maarten) in de Nicolaïkerk in Utrecht.

Mens van God, haat schone schijn!

M
ens van God, haat schone schijn!
Rijk in liefde zul je zijn:
mantelzorger – als je mild,
gul je Meester volgen wilt.

Als je zelf een mantel draagt
en een medemens je vraagt
bij te dragen in zijn nood,
zwijg je dan de ander dood?

Als je graan hebt, velden vol,
handen, schuren overvol,
gun je dan een arme niet
waar jijzelf zo van geniet?

R
ijkdom geeft de goede God,
maar niet zonder zijn gebod:
maai geen randen van het veld –
arm wie alle aren telt.

Tel geen aren, tel geen geld,
tel alleen de vrucht die telt:
liefde en geloof en hoop –
tel de druppels van je doop.

Elke druppel is er één:
ga de wereld in, ga heen, 
deel je mantel, deel de smart,
deel je rijkdom, deel je hart.

Naakt, zijn mantel afgelegd,
heeft de Meester ons gezegd:
deel het brood en deel de wijn –
mantelzorger zul je zijn!

Tekst: André F. Troost
Melodie: Ko Zwanenburg, eventueel gezang 473
Bij: Leviticus 19:9
Voor de dienst op 11 november 2012 (Sint Maarten) in de Nicolaïkerk te Utrecht.
Een acrostichon.