Natasja

Een verhaal van een azielzoeker uit Azerbeidzjan

Het gaat om mensen. In het kader van deze campagne, stuurde Harry C.A. Daudt van het Interkerkelijk Platform Asielzoekers Grave deze brief van Natasja *  uit Azerbeidzjan in.

* Natasja is een gefingeerde naam.

EEN VERHAAL AANHOREN…EN…ERNAAR LUISTEREN
Ik ben Natasja en kom uit Azerbeidzjan. Ik ben halverwege de dertig.  Ik woon al meer dan 8 jaar op een AZC,  maar niet alleen; nee, met mijn echtgenoot en mijn twee kinderen. Wij zijn gevlucht uit het ernaast liggende  land Armenië.  In de hoofdstad ervan had mijn man een goedlopende zelfbedieningszaak. Onze vlucht was hoognodig, we konden niet anders. Het hele verhaal krijg je nog wel eens van me te horen. Ik schiet er nog wel eens van in een huilbui, vandaar. Mijn tranen zal je niet gauw zien, Harry.

Ik ben het meest bezorgd over mijn man. Hij lijdt onder het langdurig wachten; hij zegt: ‘ik word er ziek van’. Dat is hij inderdaad ook hier geworden, zo ziek. Hij zoekt steeds vaker het bed op, hij slaapt of huilt zich in slaap.  Hij heeft medicijnen, veel vind ik. Hij doet niet meer mee; wil niet meer mee doen. Na maandelijkse gesprekken met een psychiater is hij tenslotte  opgenomen, in Wolfheze, bij Arnhem, bij de psychiatrische instelling Pro Persona. Alleen in de weekends komt hij thuis, met de taxi. Hij wordt “thuis” gebracht en ook weer opgehaald. Dan ziet hij mij en de kinderen. Eigenlijk ziet hij ons niet echt, want hij blikt bijna de hele tijd naar de grond, de aarde, naar zijn benen  waarop hij wankelt, want hij wankelt. Een 40-jarige man die niet loopt, maar wankelt, die niet op een plek stil kan blijven staan, maar wankelt. Ik ben zijn steun; maar heb smalle schouders. Ik weet het soms niet meer. Fijn, dat ik je even kan bellen, Harry, dankjewel.   

Mijn kinderen begrijpen het ook niet. Ze begrijpen er niets van; niets van het AZC, niets van Nederlanders, niets van het aldoor wachten. Ze gaan naar school in het naburige dorp en ze gaan er graag naar toe; ze voelen zich er thuis. Mijn jongste klaagt wel eens over buikpijn. Met hem ben ik naar het ziekenhuis geweest. Daar konden ze niets vinden.   
Over het algemeen zie ik hun vrolijkheid  en onbezorgdheid  en ben er blij om, maar tegen vakanties zie ik op. Het is hun vader te veel; hij schuilt in zijn slaaphoek en komt zelden tevoorschijn, van drukte houdt hij niet, ook niet van verandering. Misschien gaat hij daarom, in mijn ogen, niet vooruit in Wolfheze.

Ik heb een advocate, ze is aardig en luistert naar mijn verhaal; ik luister ook naar haar verhalen. Die staan meestal in een brief; een brief, die ik moeilijk of niet kan lezen want de Nederlandse Taal  is echt niet makkelijk als je uit een totaal ander land komt. Ik mag nu niet naar Nederlandse les op het AZC, dit beetje Nederlands heb ik van mijn kinderen geleerd, die hebben het met de schoolmelk naar binnen gekregen. De oudste is geboren in Armenië en de jongste in Nederland. Harry, ik heb gehoord, dat als kinderen hier geworteld zijn, minstens 8 jaar, dan mogen ze met hun ouders hier blijven; Harry, is dat waar? Ik zou het wel wensen, het is mijn grootste wens.  Ik wil graag in Uden een huisje krijgen. Ik heb er vrienden wonen, die hebben al asiel gekregen.  Voor mijn kinderen zou het goed zijn en voor mijn man ook. Ik denk, dat hij hier goed behandeld wordt en misschien wel,  in Wolfheze, geneest. Zulke ziekenhuizen hebben ze niet in Armenië; maar het IND zegt van wel, die wil ons terugsturen, als mijn man straks ‘genezen’ uit Wolfheze terug zal komen.

In maart 2013 is het zover; dan wil het IND, dat ik na acht jaar hier in Nederland, in een AZC, terugkeer naar een land dat ik niet meer ken, waar de regering mijn man zal vervolgen of nog erger. Een land dat mijn kinderen totaal vreemd is, die de taal van daar niet spreken en helemaal opnieuw vriendjes en vriendinnetjes moeten maken. Harry, zou jij er wat aan kunnen doen? Jij kent zoveel….mensen; jij kent ook mijn advocate?

                                                                  - opgetekend door Harry C.A. Daudt
 
          
                 

Raad van Kerken in Nederland | Koningin Wilhelminalaan 5 | 3818 HN AMERSFOORT | 033-4633844 | rvk@raadvankerken.nl

Site design: SyncCP; techniek: SiteCan