Pelgrimage 0.0

Eigenlijk zijn er recent weinig boeken verschenen, die zo direct aansluiten bij een thema van de Raad van Kerken als het boek ‘Heilige Onrust’ van Frits de Lange. Het boek van de hoogleraar ethiek van de Protestantse Theologische Universiteit heeft een ondertitel die direct aan het meerjarenthema van de Raad van Kerken en de Wereldraad doet denken: ‘Een pelgrimage naar het hart van religie’. Als je het boek openslaat kom je een hoofdstuk tegen over gastvrijheid. En dat sluit weer aan bij de Kerkproeverij, waartoe de Raad van Kerken het initiatief heeft genomen. Kortom: Er is alle reden om te veronderstellen dat de schrijver in het notenapparaat uitvoerig verwijst naar de oecumenische publicaties op dit terrein. Maar die vind je nergens. Dat roept de vraag op: Waar lopen de wegen uit elkaar?


We willen in twee besprekingen doorgaan op het boek van Frits de Lange. In dit stuk gaat het over zijn idee van de pelgrimage. Hij is daarin ambitieus. De uitgever meldt op de achterkant van het boek: ‘De pelgrim 2.0 ervaart volgens De Lange het leven in zijn naakte essentie, door te erkennen ‘dat er iets is dat ervoor zorgt dat we de ene voet voor de andere blijven zetten’’.


Het boek geeft dus niet alleen een idee van de pelgrimage; het heeft de pretentie een oud idee van pelgrimeren achter zich te laten en een deur naar nieuwe vergezichten te openen. Alle reden om daar nu naar te kijken. Een volgende keer gaan we dan in op het concept van de gastvrijheid. Thema’s als ‘visie op religie en kerk’ en ‘visie op het hiernamaals’ laten we liggen; die zijn elders uitvoerig besproken en in de regel vrij kritisch afgewezen. Kort gezegd komt het er op neer, dat Frits de Lange de georganiseerde religie afschaft en het hiernamaals laat opgaan in een visie op het ‘hiernumaals’. En passant plaatst hij ook de drie-eenheid, de voorzienigheid en de verlossing in een mausoleum. Zijn idee. We laten dat rusten.


Nu eerst zijn visie op de pelgrimage. Hij is vol lof over het begrip. Het ziet de pelgrimage als een metafoor voor wat het leven zin geeft. Hij ziet daarbij de pelgrimage als de ingang naar een nieuwe manier van filosoferen. Je bewustzijn verplaatst zich naar je armen, buik en benen. Al wandelend, zo stelt hij, krijg je soms plots een inval of zie je dingen helderder. Het is dan ook geen wonder dat de religie vanaf het prille begin verbonden is met de fysieke beweging. Hij sluit daarbij aan bij G. van der Leeuw: ‘In de primitieve cultuur behoren bidden, werken en dansen, voor ons streng gescheiden en geheel verschillend in doel, - bij elkaar, zó dicht, dat ze nauwelijks te onderscheiden zijn’. En: ‘Alle gevoelens, van de plechtigste tot de frivoolste, vinden hun uitweg in de dans. Het religieuze is geen bepaald gevoel naast andere, het is de samenvatting van al het andere’. Frits de Lange neemt het met name zijn eigen protestantse traditie kwalijk dat men godsdienst en zingeving heeft gemaakt tot iets wat zich in het hoofd afspeelt. Religie is fysieke praktijk, gedrag, handeling, ritueel.


Hoewel Frits suggereert dat er dus sprake is van een met name door protestanten gevoedde verenging, gaat hij hier niet in op de rooms-katholieke en orthodoxe traditie (toch goed voor 1,4 miljard christenen wereldwijd), die het mogelijkerwijs beter zouden kunnen hebben gedaan in dezen. Het gaat Frits de Lange om iets anders. Hij wil aansluiten bij ‘de hedendaagse levensoriëntatie’ en denkt dan aan de oriëntatie van een groep wereldburgers die in de Lage Landen woont. Van hen geldt: ‘De hedendaagse levensoriëntatie ligt blijkbaar niet meer, zoals in de afgelopen eeuwen, opgesloten in een afzonderlijk religieus domein, maar waaiert alle kanten uit. De pelgrim gelooft met zijn hele lijf. Zijn ziel gaat te voet’.


Hij komt dan tot het concept van een pelgrim 2.0. ‘De pelgrims nieuwe stijl hebben doorgaans de gevestigde religie achter zich gelaten. Zij zijn niet op weg naar een hiernamaals; voor hen is de reis zelf de bestemming. Wat hen echter nog steeds tot pelgrim maakt, is het besef dat er iets groter of sterker is dan henzelf, dat hen in beweging zet. De nieuwe pelgrim levert daarmee het format voor een theologie, die weer moet leren om helemaal van voren af aan te beginnen: bij iets dat je onvoorwaardelijk aanspreekt, zonder dat je weet waar het vandaan komt’.


Toen destijds de Wereldraad van Kerken het thema ‘pelgrimage van gerechtigheid en vrede’ als meerjarigthema koos tot 2021 en we als Nederlandse Raad dat thema als meerjarig thema overnamen heb ik (Klaas van der Kamp) in het boek ‘Raven’ laten zien dat we eerst dat thema ‘pelgrimage’ goed in beeld moeten krijgen. Het sluit aan bij het moderne levensgevoel, is persoonlijk en maakt het daardoor mogelijk om laagdrempelig bij mensen te beginnen. Vervolgens kan er het thema van gerechtigheid en vrede mee verbonden worden. De pelgrimage is dan niet meer neutraal of persoonlijk, maar krijgt een sociaal engagement. Critici waarschuwden me, dat zo’n losmaking – ook al is het alleen methodisch en communicatief – het begrip pelgrimage kan beschadigen. Ik heb die methodische spelling steeds gehandhaafd, omdat de ervaringen met het conciliair proces hadden geleerd dat juist de directe stap in het engagement moeilijk is voor een substantieel deel van de mensen. De eerste stap naar de denkruimte van je eigen ethiek is makkelijker en de interactie met de samenleving kan daarop aansluiten. In je hoofd speelt zich af wat in grotere trekken in een samenleving terugkeert. En inderdaad: als je geleerd hebt kritisch naar jezelf te kijken kan je ook openstaan voor contextuele kritiek. Het trekt uiteindelijk samen op.


Wie het boek van Frits de Lange leest, leest het gelijk van de mensen die mij destijds critiseerden. Daar zie je hoe een pelgrim zonder engagement doelloos voortgaat in het leven. Daar verwordt ethiek tot psychotherapie; daar ontspoort theologie in kinetische therapie; daar is het inderdaad een kwestie van tijd of je laat het Godsbeeld los en gaat ‘Zelf’ met een hoofdletter schrijven. En Frits de Lange gaat dat aan het einde van zijn boek ook daadwerkelijk doen, als hij Abraham analyseert en hem verwantschap toedicht met de nieuwe pelgrim, die op zoek is naar zichzelf en komt tot het nieuwe ‘Zelf’.


Het is opmerkelijk dat Frits de Lange in zijn boek als hij naar de joods-christelijke bronnen grijpt inderdaad naar een individuele reiziger als Abraham teruggrijpt en het leven van de pelgrim 2.0 terugspiegelt in de aartsvader van drie religies. Even in herinnering roepend: Raven spiegelt zich vooral in de ervaringen van het Joodse volk in de woestijn en noemt de woestijn de bakermat van de ethiek en de religie. Raven is daar positief over. Frits de Lange ziet die periode al weer als een ontsporing van wat in Abraham nog zo aardig was. Hij schrijft: ‘De nomadengod die een beroep deed op de gastvrijheid van Abraham (Genesis 18) dreigt in de geschiedenis van het volk Israël voortdurend getemd en gedomesticeerd te worden tot een soort Zeus op de Olympus, een Opperwezen. De demonteerbare tempel van tentdoek, de zogenaamde tabernakel, die in de woestijn met Israël meereisde, was al een compromis met de sedentaire cultus. De ongrijpbare God van Abraham werd een draagbare en opvouwbare godheid, een religieus vademecum’.


Wellicht is dat ook de reden dat Frits de Lange op geen enkele manier verwijst naar de Wereldraad en de Raad van Kerken. Deze organisaties hebben weliswaar het thema van de pelgrimage op de agenda gezet, maar het is een pelgrimage van gerechtigheid en vrede. En die gerechtigheid en vrede kleuren de pelgrimage. Vanuit de traditie is de pelgrimage allerminst waardenvrij. Het is geen langeafstandloop die je zonder oriëntatie voert. Het leven is geen vrijblijvende verkenning. Je wordt aangesproken op recht en op je verhoudingen. De Samaritaan die we barmhartig zijn gaan noemen, was niet barmhartig omdat hij als pelgrim naar Jeruzalem ging. Hij werd barmhartig omdat hij oog kreeg voor mensen die zijn naaste mochten worden en die hem geld mochten kosten. Het gaat bij een pelgrimage niet om heilige onrust in jezelf, het gaat om maatschappelijke onrust. Een pelgrimage zonder gerechtigheid en vrede is geen pelgrimage 2.0, maar een pelgrimage 0.0.

Klaas van der Kamp

Een volgende keer hoop ik iets te zeggen over het thema 'gastvrijheid' in het boek van Frits de Lange (hoofdstuk 4 van 'Heilige Onrust', een pelgrimage naar het hart van religie). 

Raad van Kerken in Nederland | Koningin Wilhelminalaan 5 | 3818 HN AMERSFOORT | 033-4633844 | rvk@raadvankerken.nl

Site design: SyncCP; techniek: SiteCan