Raad van Kerken in Nederland

2017 | Inspiratie van Iona (1)

Huib Klamer, lid van de taakgroep Ecologische duurzaamheid van de Raad van Kerken bezocht onlangs het Schotse eiland Iona. Hij hield een nauwkeurig dagboek bij. Dat wordt hier in delen geplaatst. 

De inspiratie van Iona

een bezoek van zes dagen, 24-30 juni 2017


Zaterdag 24 juni: Aankomen op Iona


Na enkele jaren proberen is het dit jaar gelukt om een week in de abdij in Iona mee te doen. Mijn schoonzus en zwager, die in Engeland wonen, brengen ons naar het havenstadje Oban in Noord-West Schotland, van waaruit een veerboot ons in 50 minuten overzet naar het eiland Mull. Wij zitten vijf kwartier in een bus die ons over een smalle landweg – met uitsparingen aan weerszijden om passeren van tegenliggers mogelijk te maken - door een verlaten groen landschap brengt naar Fionnport van waaruit de volgende veerboot ons in 15 minuten voert naar Iona, een eilandje met een oppervlakte van nauwelijks 9 m2, fors kleiner dan Schiermonnikoog.

We worden begroet en afgehaald door twee mensen uit de abdij. Één is Richard Lockley, die we later zullen kennen als lid van de muziekgroep. Een eerste teken van de eeuwenoude gastvrijheid van de abdij. Mijn vrouw Agnes en ik horen tot de duizenden mensen die elk jaar naar Iona trekken om zich te laten inspireren door de natuur en de eeuwenoude spiritualiteit van het eiland. Hier sticht in de 6e eeuw de Ierse monnik Calum Cille (beter bekend onder zijn Latijnse naam Columba) in 563 de eerste abdij. Het wordt een pelgrimsplek en zal Noord-Engeland en Schotland gaan kerstenen. Vanuit de Iona-dochterabdij in Lindisfarne – in Northumberland aan de Engelse Noordoostkust -, gesticht in 635 zullen de missionarissen Bonifatius, Willibrordus en Adelbertus naar Noordwest Europa oversteken om mensen te bekeren. (Aan hen danken twee Nederlandse benedictijnse abdijen hun naam: de Willibrordabdij bij Doetinchem en de veel oudere Adelbertabdij in Egmond die ik beide goed ken. )

De abdij op Iona krijgt zwaar te lijden onder de Vikingen die de abdij herhaaldelijk plunderen. Dat is de rede dat ze het Book of Kells en de beenderen van de H. Columba in veiligheid brengen. Op deze plek wordt vanaf 1200 een Benedictijnse abdij gesticht, die in de 16e eeuw weer wordt verlaten door toedoen van de Engelse koning Hendrik VIII, die alle abdijen verbood en liet vernietigen. Eind 19e eeuw is de abdij een ruïne, maar zal een ‘doorstart’ maken in de volgende eeuw. De abdij is gegrondvest op meerdere spiritualiteiten die als lagen over elkaar heen zijn gelegd.
Ik lees later dat Iona in het Hebreeuws duif betekent, evenals het Latijnse woord Columba. Duiven vliegen uit en zijn symbool voor de geest, de spirit, die mensen kan bezielen. Iona is de plek waar Keltische scheppingsspiritualiteit – met zijn aandacht voor natuur – samenkomt met de kerkelijke Romeins-katholieke spiritualiteit. De vlechtmotieven die je overal ziet – op kruisen en graven -, duiden om de onderlinge verbondenheid van alles dat bestaat, op de wisselwerking tussen hemel en aarde.

‘s Avonds maken we kennis met Rosie Magee, op dat moment directeur van de abdij-community. Opvallend is het enthousiasme waarmee ze vertelt dat wij ook zes dagen tot deze community gaan behoren – naast de staf en de vele meestal jonge vrijwilligers die zes weken of langer meehelpen -; want de community is altijd in beweging en verandert naargelang de aanwezigen. Voor een eerste kennismaking delen de ca 30 deelnemers zich op in tweetallen en vragen elkaar “Wie ben jij? “; ieder vertelt vervolgens in de plenaire groep één ding over zijn gesprekspartner. Ik maak kennis met een jonge arts van het eiland Orkney die hier is met haar dochter, en die ook nog eens harp speelt. Het merendeel van de ca 30 deelnemers komt uit Schotland, Engeland (inclusief een groep van 10 deelnemers uit de kuststreek bij Liverpool) en de USA. Onder hen zijn opvallend veel predikanten die een sabbatical doen - zeker een derde van de deelnemers -.

Ons worden vervolgens ter overweging enkele vragen meegegeven om “in te checken met jezelf”: “What do you wish to leave behind? “ “What do you want to bring? “ “What is that you want to focus on? “ “What are your expectations – or in better words: your hopes – for your time here ?” Een kennismaking zoals ik die vaker hebt meegemaakt met een nieuwe groep.


Zondag 25 juni: Nadere kennismaking met de community eucumenisch


Twee maal per dag - ’s ochtend en ’s avonds - is er een dienst in de abdijkerk die we kunnen bijwonen. Één van de stafleden , - en bij toerbeurt ook één van de vrijwilligers -, gaat voor en heeft de regie. Iona heeft een liturgie van eigen liederen en gebeden ontwikkeld die vrij precies in een aantal boeken is vastgelegd. Vernieuwing van de liturgie is één van de doelstellingen van Iona; een aantal van de liederen zijn in vertaalde vorm ook opgenomen in het nieuwe liedboek van de PKN.

We krijgen ook huishoudelijke taken, want ‘worship’ en ‘work’ zijn nauw verbonden in de Iona-visie. Ik vergelijk het met Benedictijnse motto ‘Ora et labora’ en het Ignatiaanse motto ‘Contemplatief in actie’. Gemeenschappelijk bezigheden zijn een goede manier om elkaar beter te leren kennen en bij te dragen aan de community. We worden verdeeld in drie groepen - de ‘otters’, de ‘puffins’ (papegaaiduikers; die zullen we later zien op het nabijgelegen eilandje Staffa) en de ‘seals’ (zeehonden). Ik word ingedeeld bij de puffins en zal de hele verdere week elke dag de herentoiletten schoonmaken en helpen bij het middagmaal in de refter – tafel dekken, serveren, afruimen en afwassen -. Dat gebeurt anders dan ik dat gewend ben op retraites. Op Iona wordt veel gepraat en in flink tempo doorgewerkt. Ik heb altijd waarde gehecht aan aandacht, stilte, ‘mindfullness’. Als je biddend wilt werken of biddend werken – zoals de Benedictijnen – zal je het werken juist wat moeten vertragen.


’s Avonds vertellen John en Margareth Smith, leden van de community, zelf woonachtig in de buurt van Liverpool, over Iona: Het is “…a thin place where only a tissue paper separates the material from the spiritual.” Deze typering komt uit de mond van George Macleod, die in de jaren 30 van de vorige eeuw de ruïne restaureerde, als een project voor werkloze arbeiders en jonge predikanten. Macleod vond dat de werelden van predikanten en arbeiders te sterk gescheiden waren; een visie die ik zelf ook voor de Nederlandse situatie van toepassing vond. Macleod, afkomstig uit een aristocratisch geslacht, was aanvankelijk werkzaam in het statige Edinburg. Zijn ervaringen op het slagveld in de Eerste Wereldoorlog veranderden zijn leven en hij verhuisde naar Govan, de Glasgowse arbeiderswijk die in de 30er jaren zwaar getroffen werd door de neergang in de scheepsbouw en de crisis. Dit wordt de aanleiding voor het project om de abdij te herbouwen. In een aantal zomers werkt een kleine groep van werklozen en jonge predikanten zes weken aan de abdij.

Bijzonder is dat de predikanten hun werkinstructies kregen van de arbeiders. Hoewel dat niet de opzet is van het project loopt de herbouw uit in de stichting van de Iona Community in 1938. De ontstaansgeschiedenis verklaart het belang dat de Iona Community hecht aan de connectie tussen gebed en maatschappelijk betrokkenheid. Dat wordt uitgedrukt in de drie kernwaarden in de ‘Regel’ van de Iona Community: ‘justice’, ‘peace’, ‘integrity of creation’; niet toevallig dezelfde begrippen die centraal stonden in het Conciliair Proces dat de Wereldraad van Kerken in 1983 lanceerde in Vancouver (waaraan ook in Nederland veel aandacht is gegeven, zo herinner ik me nog). Het Conciliair Proces is doodgebloed maar leeft nog volop in Iona. Misschien door de combinatie van gebed en betrokkenheid die Iona typeert. Het is een ‘geëngageerde spiritualiteit’.

Iona is een oecumenische ‘dispersed community’ met 300 leden en 1450 geassocieerde leden, die zich ieder hebben gecommitteerd om op zijn/haar woonplek, waar ook ter wereld, de kernwaarden van Iona vorm te geven. Margareth en John zijn beiden lid. Ook in Nederland zijn er enkele leden, geassociëerde leden en vrienden, die regelmatig samen komen in ‘family groups’. Maar de abdij in Iona blijft het centrum van de wereldwijde community, zoals het voor de uitgevlogen monniken het centrum was in de eeuwen na Columba. De leden komen er eens per jaar bij elkaar om bij te praten en hun commitment te vernieuwen.

Tot zover het eerste deel.
Binnenkort komt op deze pagina het vervolg.