De weg wacht

Allan was honderd jaar geworden. Het personeel van het bejaardenhuis vond dat aanleiding voor een feestje. Allan vond echter dat het tijd werd om uit het raam van het bejaardenhuis te klimmen. Zo begint de roman ‘De 100-jarige man die uit het raam klom en verdween’ van de Zweedse auteur Jonas Jonasson.

Het blad ‘Herademing’ schrijft er over in de tweede uitgave die men uitbrengt in het kader van het jaarthema ‘pelgrimeren’. Onder de subtitel ‘De weg wacht’ laat de redactie zien hoe men meditatief de weg kan gaan van de bedevaart.

Om het verhaal van Allan af te maken, Stephan de Jong, protestants predikant in Bussum vertelt, dat de man weg wilde uit de beklemmende wereld van het bejaardenhuis, waarin anderen – hoe goed hun bedoelingen ook waren – zijn leven beheersten. Hij verlangde terug naar de vrijheid die hij, jonger nog, had beleefd. Het personeel van het bejaardenhuis waaruit Allan ontsnapte , maakte zich ernstig zorgen voer zijn lot. Hoe kon zo’n breekbare oude man zich handhaven in de boze buitenwereld vol voetangels en klemmen?

Stephan de Jong licht toe: ‘Het komische verhaal vertelt hoe hem dat, tegen alle verwachtingen in, heel goed afging: met nuchterheid, humor en vooral veel geluk. Die zijn niet altijd voorhanden. Jonge mensen die zich losmaken van hun gezin van herkomst, kunnen zich op hun eigen gekozen weg flink in de kreukels rijden. Ouderen die het over een andere boeg gooien, kunnen akelig vastlopen. Dat geldt ook voor de pelgrim. Menig Britse monnik die zich in de vroege middeleeuwen inscheepte om de weg te gaan die God hem zou wijzen, moet dat hebben ervaren. Zeker als hij zonder zeil of riemen, in volledig vertrouwen op de wind en de stroom van de Geest, van wal stak. Hij vertrok om ergens heen te gaan, maar bleef soms nergens. Schipbreuk, honger en dorst, een boze buitenwereld….

Jezus lijkt hiermee rekening te hebben gehouden toen hij zijn leerlingen uitzond. Hij zei hun geen brood, reistas, extra kleding of geld mee te nemen. Ze moesten het maar zien te redden zoals de vogels, waarvoor de hemelse Vader immers zorgde. Maar Jezus bleef ook praktisch: een stok en sandalen konden de leerlingen maar beter wel meenemen. Hij gaf blijk van menslevend pessimisme: honden en schorpioenen zouden de leerlingen vast en zeker tegenkomen – een stok en sandalen konden ze daarom goed gebruiken. Op de rest, Gods hulp en de hulp van anderen, konden ze alleen maar hopen.

Kitty Bouwman, voorzitter van de redactie, schrijft in het nummer over het thema van de weg: ‘Wie ooit op pelgrimstocht is gegaan, weet dat de weg al gaande ontstaat. Er zijn reisbeschrijvingen, kaarten, plattegronden, richtingaanwijzers, verkeersborden, maar wat er onderweg gebeuren zal, weet niemand. We weten niet hoe de tocht eruit zal zien en hoe de weg concreet zal zijn, ook niet welke ervaringen de weg teweeg zal brengen en wat de ontmoetingen op de weg met ons zullen doen. De weg ontstaat, doordat wij hem gaan.

Wie de weg gaat, maakt zich vrij voor de reis. Het hart van de pelgrim moet vrij zijn om de signalen op te vangen die hem of haar onderweg gegeven worden.

Al deze dingen gelden ook voor de pelgrimstocht als geestelijke reis. De geestelijke weg is niet voorgegeven. Er zijn allerlei richtingaanwijzers, raadgevingen en modellen. Maar de geestelijke weg ontstaat terwijl wij hem gaan. Dikwijls zal deze weg ons vreugd geven, maar soms lijkt hij amper meer begaanbaar en hebben we het gevoel dat we in een woestijn belang zijn. Maar ondanks dat , of misschien wel dankzij dat, worden we gaandeweg bijgeslepen, ‘omgevormd’. We groeien in vertrouwen , in geduld in liefde’.

Mgr. Gerard de Korte, nog even de theoloog des vaderlands, komt in de uitgave ook aan het woord. Hij zegt onder meer: ‘Het leven als een reis vormt een heel christelijke gedachte. Augustinus zegt: we zijn in via. Paulus noemt ons vreemdelingen, bestemd voor een ander vaderland. In hoeverre we dat nu dagelijks beleven? Wij zijn als christenen in het welvarende Nederland redelijk gesetteld. Maar het kan zijn dat dit thema in de toekomst meer zal gaan leven, nu we er aan moeten wennen veel meer in de marge te leven. We zijn bijwoners. Met het loslaten zijn we altijd bezig. Ik ben nog goed gezond, maar toch al bijna 61. Ik weet dat mijn energie eerder minder dan meer zal worden. Uiteindelijk moet ieder mens zijn leven loslaten. Steeds staan wij in het aardse bestaan voor nieuwe uitdagingen. Van het bekende naar het onbekende. Belangrijk is dan het vertrouwen dat God met ons meegaat en het geloof dat Hij ons opvangt als wij vallen. Ik hoop vanuit die gelovige noties te mogen blijven leven en werken’. 

Wie het blad wil ontvangen, kan terecht bij VBK abonnementen, abonnementen@kok.nl; tel. 088 - 700 27880. Een los exemplaar kost € 9,75. 

illustraties van Herademing

Raad van Kerken in Nederland | Koningin Wilhelminalaan 5 | 3818 HN AMERSFOORT | 033-4633844 | rvk@raadvankerken.nl

Site design: SyncCP; techniek: SiteCan